Koningsdagconcert in Dordrecht









De Koning bij aankomst Grote Kerk in Dordrecht voor het jaarcongres van de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen (KBOV).
De bijeenkomst staat in het teken van 200 jaar Koninkrijk.





De koning blijft, net als zijn moeder Beatrix deed toen ze koningin was, het land in gaan. Hij gaat echter niet meer naar twee gemeenten, maar naar ‘één met een centrumfunctie voor de streek’. Die stad krijgt de kans zichzelf én de streek optimaal te presenteren. Naast het defilé wordt, net als de afgelopen jaren op Koninginnedag, een stadswandeling gemaakt om „zoveel mogelijk mensen uit de stad en streek te ontmoeten”. „Dat vertrouwde element houden we graag vast”, zei hij.
 
Willem-Alexander heeft met zijn vrouw koningin Máxima lang nagedacht over de invulling van het feest. „We gaan de lijn doortrekken”, aldus de koning. „In meer dan 120 jaar heeft Koninginnedag - nu Koningsdag - zijn waarde bewezen als een samenbindend feest dat heel veel mensen in ons Koninkrijk - en zeker ook onze familie - dierbaar is.” Het was volgens de koning ook een feest dat zich „altijd heeft aangepast aan nieuwe tijden”. Hij noemde het een „traditie die voortdurend voeling houdt met de tijd”.